Gevelstenen
DIE OUWE WILDEWOLF en DE VERLOOREN ARBEYD
Wolvenstraat 32, Amsterdam
In 1950 werd het pand Keizersgracht 303, op de hoek van de Wolvenstraat gesloopt, het jaar daarop gingen de buurhuizen Keizersgracht 299/ 301 tegen de grond. Gelijk met deze grachtpanden werden ook Wolvenstraat 26, 28, 30 en 32 afgebroken.
Ondanks diverse verbouwingen hadden Wolvenstraat 30 en 32 tot de afbraak hun 18e-eeuwse gevelstenen behouden. Door het uitvoerige huisonderzoek van Hans Brandenburg weten we nu dat deze, 1758 gedateerde gevelstenen voortzettingen waren van de vroeg 17e- eeuwse voorgangers.
De gevelsteen DE OUWE WILDEWOLF na restauratie.
Wolvenstraat 32- 24. Foto van Cornelis G. Leenheer (1869- 1942) uit november 1916. De paarse stip geeft de panden Wolvenstraat 30 en 32 aan. © Stadsarchief Amsterdam
De naamgeving van beide gevelstenen gaat terug tot 1617 als Jacob Gerritsz Verlooren Arbeyt drie erven op de Keizersgracht op de hoek van de Wolfstraat (later Wolvenstraat) van de Stad koopt. Kennelijk had hij ook bezit in de Wolvenstraat want in 1625 verkoopt hij een pand waar ‘de Wilde Wolff’ in de gevel staat (het latere nr. 30).
Zelf bleef hij in bezit van nr. 32 waar ‘de Verlooren Arbeyt’ in de gevel staat. Uit een notariële akte (Not.arch. 659. Not. J. Warnaerts) dd. 28 augustus 1624, blijkt dat Jacob Gerritsz Verlooren Arbeyt koopman was en met zes anderen de impost en accijns op de wijnen in pacht had. Jan Gerritsz is voor 1628 overleden want op 16 juni 1628 hertrouwt zijn weduwe Anna van Hoorn met ene Jan Cuysting.
In de diverse koop/ verkoopakten van de panden Wolvenstraat 30 en 32 worden de huisnamen ‘de Wilde Wolf’ en ‘de Verlooren Arbeyt’ regelmatig als adresaanduiding gebruikt. Het pand nr. 30, ‘de Wilde Wolf’ was een diep pand dat achter de huizen Keizersgracht 301- 299- en 297 doorliep tot de zijmuur van Keizersgracht 295, de ‘Wilde Os’ geheten. Pand nr. 32, ‘de Verlooren Arbeyt’ was het ondiepe pandje, waarschijnlijk oorspronkelijk deel uitmakend van erf nr. 31, een van de erven die Jacob Gerrits Verlooren Arbeyt in 1617 kocht, direct achter het hoekhuis Keizersgracht 303.
In de lijst van ‘Nieuwe en gemelioreerde (=verbeterde) gebouwen’ van 1758 vinden we Wolvenstraat 30 vermeld, ook de verpondingsaanslag gaat omhoog. Dit jaartal komt overeen met het jaartal op de gevelsteen. Een eventuele ‘verbetering’ van het buurpand ‘de Verlooren Arbeyt’ wordt niet genoemd, maar gezien hetzelfde jaartal en de vrijwel identieke rococo- ornamenten aan de zijkanten van de gevelsteen, is dat ook in 1758 gebeurd.
De gevelsteen DE VERLOOREN ARBEYD na restauratie.
Detail van de gevelsteen DE VERLOOREN ARBEYD.
Het pand nr. 32 heeft tot de afbraak in januari 1951 de 18e- eeuwse klokgevel behouden (beschreven in de Voorlopige Monumentenlijst van 1928 en te zien op een ongedateerde foto in de Beeldbank (Stadsarchief Amsterdam), het buurpand kreeg na een verbouwing in 1893 een neo-renaissance trapgevel, de gevelsteen werd wel herplaatst.
In 1979 benaderde de VVAG de Nederlandse Credietverzekerings Maatschappij (NCM), de toenmalige eigenaar van het complex op de hoek van Keizersgracht en Wolvenstraat, met het verzoek beide stenen weer een plek in de gevel aan de Wolvenstraat te geven. Het KOG was bereid de stenen in langdurig bruikleen ter beschikking te stellen. De NCM liet ons weten dat de panden in andere handen zouden overgaan en dat de VVAG contact moest opnemen met de nieuwe eigenaren.
Het een en ander heeft lang geduurd maar door de enthousiaste medewerking van Werner Zwaan, namens de nieuwe eigenaren en gebruikers van de panden, konden beide, door Jan Hilbers gerestaureerde gevelstenen begin juni 2018 terugkeren in de Wolvenstraat.
___________________________
Tekst: Onno Boers
Huisonderzoek: Hans Brandenburg





