Wapenstenen handboogdoelen
Singel 421, Amsterdam
De Handboogdoelen, ook wel Garnalendoelen, Grote Doelen of St. Sebastiaansdoelen genoemd, is een vroeg 16e- eeuws gebouw aan het Singel in Amsterdam, nabij het Koningsplein. Op deze plek bevonden zich vanaf 1509 het verenigingsgebouw en de oefenschietbanen van de handboogschutters. De handboogschutters waren een soort elitetroepen die in de 16e eeuw nog een verdedigende functie hadden maar in de 17e eeuw vooral ceremonieel optraden.
Dit complex was één van de drie schietbanen die Amsterdam rijk was, de andere twee waren de Voetboogdoelen (Singel 425) en de Kloveniersdoelen (aan de Nieuwe Doelenstraat). Vanaf 1672 verloor het complex haar functie als onderkomen voor de schutterij en werd toen een herberg. De schietbanen hadden al in 1649 plaats moeten maken voor woningbouw toen de Handboogstraat en de Voetboogstraat werden aangelegd.
In 1733 werd het gebouw van de Handboogdoelen verbouwd en kreeg het pand een nieuwe gevel en zijn huidige uiterlijk. Toen werd het stadswapen en de gebeeldhouwde wapenstenen met de wapens van de vroegere bestuurders aangebracht. In die tijd was in het gebouw een beroemd logement gevestigd: het ‘hotel Garnalendoelen’, genoemd naar de garnalenmarkt die hier aan het Singel werd gehouden.
Het huidige gebouw aan Singel 421 is dus voornamelijk 18e-eeuws en maakt deel uit van het hoofdcomplex van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam. Hier bevindt zich nog wel het (mogelijk) oudste metselwerk van Amsterdam en de enige laat- middeleeuwse schouw van de stad.
Het gedeelte van het Singel tussen het Spui en de Heiligeweg. Links de Handboogdoelen, in het midden het Stadsmagazijn en rechts de Voetboogdoelen. Uit: O. Dapper, Historische Beschryving der Stadt Amsterdam, bij Jacob van Meurs, 1663. Ets van onbekende maker.
© Stadsarchief Amsterdam
Het wapen van Amsterdam in de daklijst.
Wapenschild van Frans Banningh Cocq. Tekening uit 1648 gemaakt door Pieter Jansz. © Rijksmuseum Amsterdam
De wapengroep bestaat uit vijf wapenstenen uit 1652. In het midden het wapen van het handboogschuttersgilde zelf. De omringende wapens zijn de familiewapens van de vier overlieden (bestuursleden) van de Handboogdoelen, teweten Hasselaar, van de Poll, Dirksz. en Banning Cock, die rond 1648 een nu verdwenen poortje naast het pand hadden gebouwd. Deze wapenstenen sierden oorspronkelijk dat poortje.
Het wapen rechtsonder behoort aan Frans Bannink Cock (1605/6- 1655), die van 1648 tot 1654 de functie van gouverneur van de Amsterdamse Handboogdoelen vervulde. Banninck Cocq was een 17e-eeuwse burgemeester van Amsterdam, advocaat en kasteelheer van Huis Ilpenstein. Hij droeg als titel Heer van Purmerlant en Ilpendam, die hij dankzij zijn schoonvader verkreeg, de vorige bezitter van Ilpenstein.
Hij was in 1632, 1633 en 1636 commissaris van het college van huwelijkse zaken en werd in 1634 lid van de Vroedschap en daarna een van de burgemeesters van Amsterdam in 1650, 1651, 1653 en 1654. Ook was hij van circa 1635 tot circa 1646 kapitein van het schuttersvendel van Wijk II.
Dit vendel besloot in 1638 besloot zich te laten portretteren door Rembrandt van Rijn, met het schuttersstuk ‘Officieren en andere schutters van wijk II in Amsterdam, onder leiding van kapitein Frans Banninck Cocq en luitenant Willem van Ruytenburch’, beter bekend als ‘De Nachtwacht’, als resultaat. Banning Cock is hierop afgebeeld als de in het zwart geklede centrale figuur.
___________________________
Tekst: Onno Boers en Pancras van der Vlist





