Een gevelsteen (formaat: 55x 60cm) met een borstbeeld in hoogreliëf van Prins Maurits (1567- 1625). Maurits, zoon van Willem van Oranje, was een belangrijke Nederlandse legeraanvoerder en stadhouder die in de vroege zeventiende eeuw de Republiek leidde tijdens de Tachtigjarige Oorlog.
Doordat de steen aan de onderkant is ingekort is een eventueel onderschrift vervallen. De Prins draagt een wambuis en een ‘pelisse’, een kort, met bont gevoerd of afgezet jasje, dat traditioneel losjes over de linkerschouder gedragen werd. Om zijn hals draagt hij een brede geplooide (molensteen)kraag en om zijn hals zit ook een lint met daaraan de medaille van de Orde van de Kousenband. Deze ‘The Most Noble Order of the Garter’ is de hoogste ridderorde van het Verenigd Koninkrijk en een van de oudste Europese niet- religieuze ridderorden. Het eerste doel van de Orde was de machtige adel aan de Engelse vorst te binden. In 1613 werd Maurits opgenomen als ridder in de Orde van de Kousenband. De Engelse koning paaide Maurits hiermee om hem warm te krijgen voor een alliantie tegen Spanje.
Het pand met halsgevel heeft lisenen en een vruchtenfestoen (versiering). De afdekking is mogelijk 18e- eeuws. De gevel is gedateerd ANNO 1645. Het huis werd in dat jaar gebouwd door Ewout Jeroenszoon de Mooij, kapitein ter zee en onder andere bevelhebber tijdens de Nederlands- Engelse oorlogen (tussen 1652 en 1674). Ewout was de zoon van Jeroen Ewouts, één van de vier Rotterdamse matrozen die in 1623 een aanslag op Prins Maurits wist te verijdelen. Deze aanslag was beraamd door een groep mannen waaronder de zonen van Johan van Oldenbarnevelt die 1619 door toedoen van Maurits onthoofd was.
In juli/ augustus 2026 stond het pand in de steigers en de VVAG heeft toen meteen de eigenaren van het pand benaderd om de steen te mogen restaureren. De eigenaren gingen akkoord en Wil Abels heeft in augustus de steen en ook de festoen en de jaartalstenen in de gevel gerestaureerd en gepolychromeerd. Volgens Wil waren de stenen niet beschadigd en was er weinig restauratiewerk te doen. Ook de verf zat nog goed vast op de gevelsteen.
Het wambuis dat de prins hier draagt, werd uitgevoerd in de kleur Nassau- blauw. Overigens blijkt uit diverse literatuur dat Maurits bijna altijd in het bruin gekleed was. Vandaar dat de ‘pelisse’ bruin gemaakt is. De opengeklapte voering en kraag van die pelisse kregen een blauwig- grijze kleur. Dit is de kleur van eekhorentjes- bont, voornamelijk afkomstig uit Novgorod en het meest gebruikte bont in die tijd. Zijn kraag is uiteraard wit en de mouw is uitgevoerd in wit met blauwe ruiten. Deze ruiten waren in de steen ingehakt. De knopen op het wambuis en de ketting met het medaille zijn met bladgoud verguld. Achteraf gezien blijkt het lint, waar de medaille aan hangt, volgens de orde- traditie, altijd blauw te zijn. Dit is dus een aandachtspunt voor een toekomstige restauratie.
___________________________
Huisonderzoek: Hans Brandenburg



