Gevelsteen JAN PIETERSZ. HUIS
Palmstraat 110- 150, Amsterdam
Deze gevelsteen (formaat: 93x 86,5cm) lijkt op een grote spiegel waar een rood kleed overheen hangt. Voor de spiegel staan een viool met strijkstok en een blokfluit. Aan de vioolhals hangen twee kaartjes waarop staan respectievelijk ANNO en 1982. Op de rode doek is in notenschrift de muziekregel ‘Mein junges Leben hat ein End’ van Jan Pietersz. Sweelinck (1562- 1621) aangebracht. Door de instrumenten van een oudere type te tonen, verwijst ’t Mannetje naar de tijd waarin Sweelinck leefde. Het onder het doek verborgen deel van de spiegel symboliseert de toekomst, het spiegelende deel het heden.
De gevelsteen, gefotografeerd in 2006.
Sweelinck was een Nederlands componist, organist van de Oude Kerk, klavecinist, muziekpedagoog, muziekorganisator en ensembleleider. Hij geldt als de belangrijkste (Noord)Nederlandse componist van de Vroegmoderne tijd, in de overgang van renaissance- naar barokmuziek. Sweelinck wordt in het buitenland vaak meer geëerd dan in Nederland. Japanse muziekstudenten, bijvoorbeeld, komen speciaal naar Amsterdam om zijn graf in de Oude Kerk te bezoeken.
Het Jan Pieterzhuis werd in 1982 gebouwd door de stichting Jan Pietersz. Huis, voor huisvesting van muziekstudenten.
De gevelsteen is in 1982 geplaatst. Hij is ontworpen en gehakt door beeldhouwer Hans ’t Mannetje (1944- 2016).
___________________________
Tekst: Onno Boers



