Gevelsteen met een schip

Nieuwstraat 28, Weesp

In deze dubbel gepleisterde topgevel uit de 17e eeuw is een gevelsteen met een schip te zien. Het afgebeelde schip toont kenmerken van een typisch Nederlands platbodemschip. In 1820 was in dit pand ‘Het Amsterdamse Veerhuis’ van kastelein Hermanus van Lingen gevestigd. Hier konden reizigers met bestemming Amsterdam wachten en opstappen op de veer- of trekschuit naar Amsterdam. De functie van het pand als veerhuis is al ouder dan eerder genoemd jaartal. Een bijzonder feit is dat Prins Willem V, stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, op 27 september 1777 in het Amsterdamse Veerhuis verwelkomt werd door het stadsbestuur van Weesp. Als café heeft het Amsterdamse Veerhuis nog tot 1935 bestaan, daarna kwam er een winkel in.

Het pand Nieuwstraat 28 met de waterpomp.

De Nieuwstraat was vroeger een grachtje, de eerste stadsgracht van Weesp, genaamd ‘de Grobbe’. Het werd gegraven tussen 1397 en 1425 en gedempt in 1828. Op de hoek van de Sleutelsteeg en de Nieuwstraat, naast het pand met de gevelsteen, heeft ooit een waterpomp gestaan. Hierover bestaat een mooi spookverhaal:

Het gaat hier, volgens het verhaal, over een ex- zeepiraat die zich in Weesp vestigde en daar de uitbater van de herberg naast deze pomp werd. Het is niet duidelijk of het dan het Amsterdamse Veerhuis betreft of een ander etablissement vlakbij. Tijdens het op transport stellen, met een boot, van gestolen jenever en brandewijn werd deze betrapt door een sergeant van de politie. Hieruit ontstond een handgemeen tussen de waard/ ex- piraat en de sergeant, hetgeen erin resulteerde dat de sergeant hevig geraakt werd, ter hoogte van de waterpomp over boord viel en in de Grobbe verdronk.

Op de rechtszitting werd de Waard veroordeeld tot de galg en wegens de ernst van het moord- misdrijf moest zijn lijk naar het galgenveld buiten Weesp worden gebracht waar het aan de vogels werd prijsgegeven. Sindsdien zou iedere nacht zijn gekwelde geest terugkeren naar de waterpomp aan de Grobbe en klonk het volgens omwonenden alsof er boeien rammelden en vaten over de straatkeien rolden. Dit alles hield eindelijk op toen de Grobbe gedempt werd…

___________________________

Samenstelling tekst: Pancras van der Vlist