Poortbekroning S HEEREN LOGEMENT

Keizersgracht 367, Amsterdam

Het Oudezijds Heerenlogement was een chique herberg voor voorname gasten aan de Grimburgwal te Amsterdam, gebouwd in 1647. Het gebouw werd in 1874 afgebroken om plaats te maken voor nieuwe bebouwing van het Binnengasthuis. Bij de sloop werden de gebeeldhouwde versierselen van het gebouw zoveel mogelijk bewaard. De toegangspoort van het Heerenlogement  is bewaard gebleven, en bevindt zich nu hier op Keizersgracht 367, waar het in 1874 werd aangebracht als toegangspartij.

Het Poortje van het Heerenlogement aan de Grimburgwal. Prent uit 1904 gemaakt door Carel Lodewijk Dake (1857- 1918). © Stadsarchief Amsterdam

 p de plek van het Heerenlogement aan het einde van de Oudezijds Voorburgwal stond aanvankelijk een gebouwencomplex met pakhuis dat onder andere door de befaamde familie Trip in gebruik was geweest. Omdat het Prinsenhof als logement voor adellijke en andere hoge gasten van de stad niet meer beschikbaar was (doordat de Admiraliteit van Amsterdam daar zijn intrek had genomen), kocht de stad Amsterdam het complex aan in 1646 om het door de architect Philips Vingboons te laten verbouwen tot een chique hotel.

De gevel werd weelderig versierd met festoenen, en een timpaan met stadswapen, bekroond door een keizerskroon met flankerende leeuwen. Alles gehakt uit Bentheimer zandsteen. De vloeren in het gebouw waren van marmer, en er was een fraaie binnenplaats. In de kamers hingen kostbare schilderijen. In het complex bevond zich “een Princelyke zael, rontom met gout leer behangen, daerop alle groote perzonaegen en gezanten, die deze Stadt komen bezoeken, van Stadtswegen vergast worden”.

Ook in andere beschrijvingen uit die tijd komt het logement naar voren als een weelderig onderkomen. Een Engelse koopman die het logement in 1653 bezocht, noemde het “the noblest taverne in the world”. Enkele voorname gasten waren Amalia van Solms (de weduwe van stadhouder Frederik Hendrik, die er logeerde in 1655), stadhouder Willem III (in 1672), en tsaar Peter de Grote (in 1697). Al in de Gouden Eeuw begonnen er ook veilingen van vooral onroerend goed plaats te vinden op de binnenplaats. Dit gebeurde aanvankelijk alleen rond kersttijd. Later werd het gebouw steeds meer gebruikt als veilinghuis, en omgedoopt tot Lokaal voor Publieke Verkoopingen.

VVAG- voorzitter Jos Otten en voormalig VVAG- secretaris Onno Boers voor het timpaan. Foto: Wim Ruigrok

In de loop der tijd raakten de verschillende bewaarde onderdelen verspreid over diverse locaties in Amsterdam en omgeving. De leeuwen en festoenen kwamen aanvankelijk terecht bij het Rijksmuseum. De festoenen zijn daar nog steeds ingemetseld in de muur van het fragmentengebouw.

Nadat de leeuwen uit de tuin van het Rijksmuseum kwamen, zijn ze bij de achteringang van het Stedelijk Museum op sokkels geplaats. De poten bleken te lang voor die sokkels en zijn toen afgehakt, ingekort en verwisseld. De toenmalige buurman van ‘het Stedelijk’, de Rijkspostpaarbank, vroeg ze in bruikleen en gebruikte ze ook als logo voor hun bank. De postspaarbank ging op in de ING en zo zijn de leeuwen later bij het hoofdkantoor van de ING aan de Haarlemmerweg beland. Omdat die daar wegging kon de VVAG ze verkrijgen om ze te laten restaureren. De leeuw in het logo van de ING is dus een directe verwijzing naar de leeuwen van het Heerenlogement!

Het wapenschild en delen van het fronton kwamen terecht in een wandelparkje. De keizerskroon werd in 2017 ontdekt als slagboomsteun bij een werf van de gemeente Amsterdam bij de Gaasperplas.

Het Oudezijds Heerenlogement aan de Grimbugwal. Ongedateerde prent van onbekende maker. © Stadsarchief Amsterdam

Reconstructie van het timpaan. © Wim Ruigrok

Het timpaan is inmiddels weer compleet en gerestaureerd, en in 2021 door de Vereniging Vrienden van Amsterdamse Gevelstenen, die ook de restauratie organiseerde, geschonken aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). Het timpaan is als compleet beeldhouwwerk hersteld en zorgvuldig gerestaureerd door het Atelier Snoep & Vermeer. De UvA heeft het plan om het in totaal 17 ton zware gevaarte weer een zichtbare plek te geven, mogelijk dicht bij de oorspronkelijke locatie aan de Grimburgwal dat tot haar terrein behoort.

___________________________

Tekst: Wikipedia