Gevelsteen met Johannes de Doper
Kattengat 1, Amsterdam
In de zijgevel van een pand op de hoek Kattengat/ Hekelveld zit een vroeg 17e- eeuwse gevelsteen (formaat: 55x 42cm) met Johannes de Doper. In 2025 is de steen, die onder dikke verflagen zat, door Wil Abels gerestaureerd. Er moer nog huisonderzoek naar het pand gedaan worden. In een latere verkoopakte uit 1746, wordt gesproken van een huis en erf, aan het Hekelveld, noordhoek Hemelrijk, met Sint Jan Baptist in de gevel.
De afgebeelde figuur van Johannes de Doper draagt een eenvoudig kemelharen kleed. In zijn rechterhand heeft hij een boek. Met de linkerhand wijst hij naar het Lam Gods dat geofferd wordt. Het lam draagt een kruisvaan en staat bij een kelk waarin bloed dat uit zijn borst stroomt, opgevangen wordt. In de linkerbovenhoek staat SJ en BT. De letters betekenen Sint Jan en Baptista.
Johannes de Doper was een Joodse profeet en asceet (iemand die zich door middel van zelfdiscipline, onthouding en soberheid terugtrekt uit het wereldse leven om spirituele of religieuze doelen te bereiken) uit de eerste eeuw na Christus. Hij wordt in het christendom gezien als de wegbereider van Jezus Christus. Hij staat bekend als ‘de Doper’ omdat hij mensen doopte, onder andere in de rivier de Jordaan, als symbool van reiniging en bekering.
De steen vóór restauratie.
Johannes droeg kleren van geweven kameelhaar (kemelhaar) en om zijn middel had hij een leren gordel, waarin hij kleine dingen kon meenemen. De profeet Elia droeg vergelijkbare kleding (2Kon 1:8). Kleding van kameelhaar was ruw en werd vooral door arme mensen gedragen. Rijke mensen droegen vaak zachte kleding van zijde of linnen (Mt 11:7-9, vtn.). Johannes was vanaf zijn geboorte een Nazireeër, dus mogelijk was zijn haar nooit geknipt. Waarschijnlijk was aan zijn kleding en uiterlijk direct te zien dat hij een eenvoudig leven leidde dat volledig was gewijd aan het doen van Gods wil.
Op de steen staat Johannes afgebeeld in een nis. Dit komt uit de Romeinse traditie, waarbij de aanbeden nymphen in een grot stonden. ‘Iets dat belangrijk is, staat in een nis’ (volgens Jona Lendering, archeoloog). De kruisstaf van het offerlam is afkomstig uit Frankische afbeeldingen (ong. 7e eeuw) waar Christus werd afgebeeld met een speer, symbool van de overwinning. Die later is die speer weer geworden tot staf met kruisvaan, dat staat voor overwinning op de dood.
De naam ‘Hekelveld’ is waarschijnlijk ontstaan doordat op deze plek, die oorspronkelijk buiten de stadsmuren lag, vlas werd gehekeld voordat dit op nabijgelegen lijnbanen tot touw werd verwerkt. De naam ‘Kattengat’ verwijst naar een nauwe doorgang, een gat zo smal dat er geen kat door kon. Een andere verklaring voor de naam is de vroegere bodemgesteldheid, drassig land waar kattenkruid groeit. Oorspronkelijk was het Kattengat een smal grachtje in een V- vorm dat van de Nieuwezijds Achterburgwal (nu Spuistraat) in twee gedeelten naar het Singel liep. In de tweede helft van de 19e eeuw is het grachtje gedempt. De linkerpoot van de V heet sinds 2 oktober 1873 Koggestraat. Het Kattengat is in 1936 door sloop aanzienlijk verbreed.
De herdenkingssteen van Hans ’t Mannetje.
De gevel waar de steen met Johannes de Doper in zit, maakt deel uit van het Renaissance Amsterdam Hotel. De voorloper van dit hotel was Het Sonesta Hotel dat in 1975 opende. Dit hotel (evenals het huidige hotel) was/ is verbonden met de naastgelegen Koepelkerk, die als congres- en concertzaal dienstdoet en bereikbaar is via een ondergrondse tunnel.
Binnen in de achtermuur van uitbouw van het Koepelcafé is een herdenkingssteen ter herrinering van de laatste- steenplaatsing van het Sonesta Hostel. De steen is ontworpen en gehakt door beeldhouwer Hans ’t Mannetje (1944- 2016).
___________________________
Tekst: Onno Boers, Jos Otten en Pancras van der Vlist




