Plastiek met een oranjeappel

Huidenstraat 2, Amsterdam

Dit poortje was ooit de zij- ingang en toegang van de meisjesafdeling en de tuinen van het weeshuis ‘De Oranjeappel. Deze huidige aangebrachte plastiek met de oranjeappel, is een verwijzing naar de originele gevelsteen die ooit boven dit poortje zat. Waar deze steen en ook gebleven is, is onbekend. Een andere steen met een oranjeappel aan een tak, is ook afkomstig van het voormalige weeshuis De Oranjeappel, maar dan uit de voorgevel van het weeshuis aan de Keizersgracht 345. Deze steen is nu ingemetseld in een binnenmuur van de Doopsgezinde kerk, aan het Singel 433.

Het poortje in de Huidenstraat. Ongedateerde foto van onbekende maker. © Stadsarchief Amsterdam

In de zeventiende eeuw ontstaan er colleges van protestanten die buiten de gevestigde kerk godsdienstige bijeenkomsten en catechisaties organiseeren. Zij hebben dan hun centrum in Rijnsburg, medio zeventiende eeuw breidt de beweging van de z.g. ‘Collegianten’ zich sterk uit.

Voor de buitenwereld leek het er sterk op dat het hier om een nieuw kerkgenootschap ging. Dat is niet wat de collegianten voor ogen hadden; zij volhardden in een open organisatie waar alle protestanten zich thuis moeten kunnen voelen.

In Amsterdam sluiten zich diverse doopsgezinden bij de beweging aan, en de wens naar een eigen onderkomen was sterk aanwezig. Dat resulteerde in mei 1675 in het huren van de woning van mr. Opmeer aan de Keizersgracht, ‘daar waar d’Oranje Appel in de gevel staat’. In feite was dit een overbouwde gang tussen de huidige nummers Keizersgracht 345 en 347.

De gevelsteen met de Oranjeappel, afkomstig van Keizersgracht 345. Nu ingemetseld in een binnenmuur van de Doopsgezinde kerk aan het Singel 453.

Een lid had enkele Zuiderzeedorpen bezocht en verhaalde over de grote armoede die hij daar had gezien; ‘met kinderen in die dorpen die door hun ouders in uiterste nood  soms aan hun lot overgelaten worden en beginnen te zwerven’. Daarop besluit de vergadering voor dit soort kinderen een weeshuis op te richten, dat ook in het huis aan de Keizersgracht een plaats krijgt. Op 11 juli 1675 wordt een concept-akte opgemaakt, waarin besloten wordt dit soort kinderen op te nemen, als familieleden van die kinderen bereid zijn de opname financieel te ondersteunen.

In 1678 wordt de norm- formulering aangepast. Voortaan was er voor alle wezen plaats, die in een ander weeshuis geen plaats konden vinden. De enige beperking was dat de financiële positie van het weeshuis niet in gevaar kwam. Kinderen waarvoor betaald werd, genoten via deze formulering dus voorrang.

In 1680 kunnen de collegianten het pand aan de Herengracht kopen dat tegenover het weeshuis staat, het huidige nummer 346. Ook hier weer hebben de vorige bewoners tuinen van buurpanden opgekocht waardoor er een riante binnentuin is ontstaan die op de bestaande tuin van d’Oranje Appel aansluit. Het huis aan de Herengracht wordt geheel verhuurd en het weeshuis neemt de tuin en de toegang aan de Huidenstraat in gebruik.
In die tuin bouwt men een nieuw laag meisjesweeshuis, zodat het oude weeshuis alleen voor jongens ingericht kan worden. De gang in de Huidenstraat krijgt een poort met daarin een gevelsteen met de naam van het weeshuis: d’Oranje Appel.

Tijdens de Franse overheersing van de Republiek komt het weeshuis in financiële nood. Uit nood verkoopt men in 1801 Herengracht 346 en Huidenstraat 4 en in 1808 wordt ook het huis aan de Keizersgracht verkocht, zodat alleen de laagbouw in de gezamenlijke tuinen en het poortje in de Huidenstraat overblijft. In 1851 is de geldnood voorbij en mag het weeshuis de huizen aan de Herengracht en Huidenstraat weer terugkopen voor de uiterst schappelijke prijs van ƒ 15.000,-.
Nu wordt het grote huis mede in gebruik genomen door de collegianten, die er een mooie zaal krijgen.

In 1893 wordt Herengracht 344 gekocht en bij het weeshuis gevoegd, in 1919 wordt het weeshuis verplaatst naar De Lairessestraat 11 (heden ten dage een Hotel) en tien jaar later naar Hilversum. In 1963 worden de statuten gewijzigd. De Oranjeappel kent geen wezen meer en is omgezet in een vermogensbeheermaatschappij. Het hele complex aan en achter de Herengracht/ Huidenstraat wordt in 1921 verkocht aan het Ministerie van Financiën dat er een agentschap vestigde waarin het Grootboek Nationale Schuld een plaats krijgt.

___________________________

Tekst met dank aan genealogybos.com