Gevelsteen met een papiermolen

Herengracht 105- 107, Amsterdam

In 1991 werd de net opgerichte VVAG benaderd door Prof. V.P. Semeijn Esser, oud directeur van de Rijksacademie van Beeldende Kunst. Hij vertelde dat de Academie bezig was te verhuizen naar de Sarphatistraat en dat het oude gebouw leeg opgeleverd moest worden. Of de VVAG misschien interesse had in wat oude steenbrokken die anders in de tuin achtergelaten zouden worden.

Tot onze verrassing lagen daar, tussen andere onbewerkte blokken natuursteen, een gevelsteen met het interieur van een papiermolen, het ondergedeelte van een frontonvulling met het onderlijf van een staande man met een grote vis en een boogvulling met tekst betreffende het Henriettehofje. De VVAG kon de beschikking krijgen over deze bouwfragmenten als ze maar vlug opgehaald werden. De volgende dag al lieten we Restauratieatelier Snoep en Vermeer het een en ander ophalen.

Damrak (Westzijde) 99- 98- 97. Ongedateerde foto van onbekende maker. © Stadsarchief Amsterdam

De grote gevelsteen (formaat: 60x 133 cm) met het interieur van een papiermolen was afkomstig van het, in 1908 afgebroken pand Damrak 98, in 1649 gebouwd voor de gefortuneerde papierhandelaar Pieter Haack. In de Noord- Hollandsche Oudheden van 1903 (deel VI, pag. 18) wordt het pand beschreven en afgebeeld. De gevelsteen wordt wel in de tekst vermeld maar op de tekening is er slechts een wit vlakje.

In de Voorlopige Monumentenlijst (1928) wordt vermeld dat het pand, hier toegeschreven aan Vingboons, gesloopt is en dat het beeldhouwwerk naar het Rijksmuseum is overgebracht. Wanneer en waarom de steen met de andere bouwfragmenten in de tuin van de Academie terechtgekomen waren was daar niet bekend.

Op 31 augustus 1992 onthulde burgemeester Van Thijn op de hoek van de Herengracht en de Blauwburgwal, in een blinde muur van de in 1952 gerealiseerde nieuwbouw, de schoongemaakte, partieel herstelde en gepolychromeerde gevelsteen. In het pand was toen het reclame bureau Wunderman- Worldwide gevestigd. Zo kwam de papiermolen terug bij de papierverwerking.

Het interieur van de papiermolen is door gebinten in zes vakken verdeeld, drie op de begane grond en drie op de verdieping. Op de bovenverdieping zien we in het midden een lompensorteerster, rechts daarvan de droogzolder en links de pakzolder. Daaronder wordt rechts het onderslagrad met wentelas en de hamerbak afgebeeld. In het midden staat de schepper aan de schepkuip en links worden de vellen papier onder de natpers gelegd.

Op de gevelsteen staan negen figuurtjes. Men hield vroeger blijkbaar wel van een grapje, want het mannetje op de droogzolder ligt met zijn hoofd op een stapel papier te slapen (Beschrijving overgenomen uit het blad Molinologie Nr. 20- 2003, themanummer Molens op gevelstenen, door Nel Scholten- Ballast).

___________________________

Tekst: Onno Boers
Huisonderzoek: Hans Brandenburg