Gevelstenen DE SAAYER EN DE JONGE SAAYER
Bloemgracht 77 en 81, Amsterdam
Beide 18e- eeuwse gevelstenen tonen een zaaiende boer die over een geploegde akker loopt. De gevelstenen DE SAAYER op Bloemgracht 77 en DE JONGE SAAYER op no. 81, sierden ooit twee naast elkaar gelegen suikerbakkerijen en -suikerraffinaderijen.
Een suikerbakkerij, in moderne bewoordingen ‘suikerraffinaderij’ benoemd, is een bedrijf waar suikerbroden werden bewerkt tot verschillende soorten tafelsuiker, die gebruikt werd in de thee van rijke dames. Deze suiker kwam oorspronkelijk uit de koloniën, met name Suriname en Brazilië. Historisch gezien waren deze fabrieken, vooral in de 17e en 18e eeuw in Amsterdam, grote gebouwen die door het veelvuldig gebruiken van vuur vaak in de de brand vlogen.
Een suikerbrood is een klomp van ongeveer vijf kilo suiker, uitgekristalliseerd in de vorm van een kegel met afgeronde neus. Dit vergemakkelijkte ook het transport. Hier aangekomen werden die kegels van top tot teen dwars in stukken gehakt. In de punt van de kegel zat de meeste ‘vervuiling’ van naar beneden gezakte ‘droesem’. De voet van de kegel was het zuiverst. De bijelkaar horende ‘uitsnedes’ van de kegel (broden) werden gezamenlijk opnieuw (in Zuid- Amerika was dat al een keer gebeurd) in een ketel ‘gebakken’ en er gingen bepaalde stoffen bij om de stroop die verkregen werd, extra te zuiveren. Op de kokende stroop onstond daarbij een schuimlaag. Die werd er met een schuimspaan afgeschept en heette bastaardsuiker. Dat is basterd geworden.
Het thema van beide gevelstenen, de zaaier of het zaad en de akker, is afkomstig van een bekende parabel van Jezus, te vinden in de Bijbel, met name in Mattheüs 13. Een parabel is een kort, symbolisch verhaal met een duidelijke morele, religieuze of filosofische boodschap. In dit verhaal strooit een boer zaad op verschillende soorten grond: op de weg, op rotsachtige grond, tussen distels en op goede grond. Elke soort grond staat symbool voor de reactie van mensen op het Woord van God, dat door de zaaier wordt verspreid. Het zaad op de weg wordt weggepikt, het zaad op de rotsachtige bodem wortelt niet diep, het zaad tussen de distels verstikt door wereldse zorgen en verlangens, en alleen het zaad op de goede grond draagt vrucht, wat staat voor het aannemen van het Woord en gehoorzaamheid daaraan.
Gevelsteen DE SAAYER op Bloemgracht 77.
De gevelsteen DE SAAYER (formaat: 75x 125cm) toont een zaaiende boer die over een geploegde akker loopt. Links op de achtergrond twee bomen en het dak van een boerderij, rechts een schuur en een boom. De afbeelding wordt links en rechts omlijst door gebogen voluten die met ornamenten versierd zijn. Op de onderplint: DE SAAYER Ao MDCCLII (1752).
Al in kwijtscheldingen uit 1705 over het pand dat nu no. 77 is, wordt er gesproken over de ‘De zaaier’. De (huis?)naam is dus al langer in gebruik. De namen van Leendert de Bruyn en zijn echtgenote Catharina de Bruyn komen voor in verkoopaktes voor zowel de panden nummers 77 als 81. Of het hier dus om twee aan elkaar gelieerde bedrijven gaat, is helaas nog niet duidelijk.
Gevelsteen DE JONGE SAAYER op Bloemgracht 81.
Met een grootte van 190x 85cm is de steen DE JONGE SAAYER op Bloemgracht nummer 81 veruit de grootste gevelsteen van Amsterdam. De steen sierde ooit de 18e- eeuwse suikerraffinaderij ‘De Jonge Saayer’.
De afgebeelde zaaier lijkt inderdaad nog jong. De jongen zaait een glooiende akker in, rechts staan drie huisjes en een boom met een grote gevulde zak ervoor. De afbeelding wordt links en rechts omlijst door gebogen voluten die met ornamenten versierd zijn. Op de onderplint: ANNO ‘De Jonge Saaijer’ en 1763.
Bij een verbouwing in 1870 werd de steen uit de gevel genomen en kwam toen in de gevel van een boerderij aan de Weesperzijde terecht. In 1937 werd de gevelsteen door het K.O.G. (Koninklijk Oudheidkundig Genootschap) verworven. Op verzoek van de huiseigenaren en via de VVAG heeft het K.O.G. de steen in langdurige bruikleen gegeven zodat hij op het oude adres kon worden teruggeplaatst. De steen is aan de hand van aangetroffen kleurresten door Jan Hilbers opnieuw in kleur gezet en werd op 13 januari 1995 feestelijk onthuld. In 2021 is de steen opnieuw gepolychromeerd door Wil Abels.
___________________________
Tekst: Onno Boers en Pancras van der Vlist



