Gevelsteen DE RIDDER EN DE ROOS
Bloemgracht 15, Amsterdam
Op deze 17e-eeuwse gevelsteen is een schildhouder met een wapenschild te zien. Het afgebeelde wapen komt grotendeels overeen met het wapen dat tussen 1816 en 2014 het stadswapen van Schagen was. Alleen de cirkel waarin de roos ligt, is wat anders van vorm en de roos is zilver in plaats van goud.
De man met de knots stelt mogelijk Heer Magnus van Schagen voor, die in 1219 een belangrijke rol speelde bij een kruistocht naar de Egyptische havenstad Damiate. Een ander interpretatie is dat op het wapen oorspronkelijk Sint Christoforus stond die Jezus droeg. Omdat dit mogelijk na de reformatie, de religieuze omwenteling in de 16e eeuw, als ‘te katholiek’ werd beschouwd, zou van het kind een knots zijn gemaakt.
De steen vlak na aankoop.
De steen vlak na plaatsing in 2002.
De heer Ritman (oprichter van de befaamde Ritman bibliotheek, met boeken over mystiek) was eigenaar van het pand. Hij had de steen bij een antiquair gekocht en vervolgens in de tuin opgesteld. Na een opknapbeurt door Jan Hilbers in 2002 kreeg de steen een plek in de voorgevel, toen is ook de, door Hilbers gehakte, tekststeen DE RIDDER EN DE ROOS toegevoegd.
Het pand is 18e- eeuws met een 19e- eeuwse gevel onder een rechte klossenlijst (een lijst met houten blokken ter versiering). Het heeft ook nog een aantal bijzondere 17e- eeuwse details, overgebleven van het vorige pand op deze plek. In 1645 toen het wapen in dit pand zat, is het pand door de vader van Franchoijs Gijssels (verfverkoper) gekocht.
Een andere bijzondere bewoner van dit pand was arts/ wetenschapper Frederik Ruysch (1638- 1731). Door zijn royale inkomsten kon hij dit huis kopen en ook de naastliggende huizen op 13 en 17 had hij in bezit. Frederik Ruysch was één van de belangrijkste Amsterdamse wetenschappers. Als arts voerde hij zijn wetenschappelijk onderzoek uit op lijken. Vanaf 1666 gaf Ruysch anatomisch onderwijs. Deze beroemde anatomische lessen vonden plaats in het ‘Theatrum Anatomicum’ in de Waag op de Nieuwmarkt.
Rond 1700 was het huis aan de Bloemgracht een soort museum, met 1.300 flessen met preparaten, 15 kabinetten met dieren in 1.600 flessen, 1.000 dozen met vlinders, sprinkhanen, kevers en zeegewassen en 180 flessen met zeldzame vogels. Maar vooral zijn verzameling geconserveerde baby’s was beroemd. Ruysch prepareerde ongeveer 1.000 lijken en lichaamsdelen, ondanks zijn angst daarbij een ziekte op te lopen. De Russische tsaar Peter de Grote (1672- 1725) heeft de prachtige en spectaculaire collectie van Ruysch gekocht, omdat zowel de stad Amsterdam en de Republiek der Nederlanden er geen belangstelling voor had. De collectie is nu nog steeds te zien in de Kunstkamera in Sint Petersburg.
___________________________
Tekst: Onno Boers
Omgevingsfoto: Frank Lucas




